Special - Herman Brusselmans

Het valt niet mee om een oeuvre als dat van Herman Brusselmans te ontleden, te beoordelen en dan ook nog tot bepaalde conclusies te moeten komen. Het grootste probleem is niet eens de omvang van het ouevre (+40 boeken), maar eerder hoe je je conclusies voor iedereen aanvaardbaar maakt. Herman Brusselmans is geen Kluun of Tommy Wieringa. Je loopt met hem weg of je ontloopt hem, er is geen tussenweg. Voor de één is hij een halfgod voor de ander te extreem, te cynisch of te plat. Met name de zelfbenoemde intelligentsia doet zijn werk af als 'altijd weer hetzelfde gezever'. Het zijn dezelfde mensen die een verfilming van Ex-drummer in de weg stonden en zij hebben natuurlijk ongelijk gekregen. Ik zou dus ook rekening moeten houden met die notoire criticasters wil ik maar zeggen.

Toffe_Ellende


Als je bekend staat als een Brusselmans-liefhebber (ik heb 'al' zijn boeken gelezen!) krijg je wel eens de vraag gesteld: "Waar moet ik in godsnaam beginnen bij die Brusselmans?! Alle titels zijn zo uitnodigend!!" Ik raad mensen dan meestal De man die werk vond of De terugkeer van Bonanza aan. Ook om van het gezeik af te zijn trouwens. Ik kan uren ouwehoeren over welk boek of passage iemand gelezen moet hebben, je moet er echter ook zin in hebben. Die heb ik toevallig nu en dus stel ik mezelf de vraag: Wat moet je in godsnaam van die Brusselmans gelezen hebben?



Instapper


Mijn hoofd loopt om: De Guggenheimer Trilogie (bundel)

Guggenheimer rook aan zijn neus. Straks wassen, nam hij zich voor. Hij had de afgelopen nacht en ochtend de verlopen ex-Miss België Katia Alens niet alleen danig gevingerd, gebeft en geneukt, maar ook, vooral eigenlijk geneusd, en haar aldus zodanig vaak de beurt van haar leven gegeven dat ze niet meer zou weten van welke parochie ze was, al schreef de biechtvader persoonlijk de naam ervan in de palm van haar rechterhand. (uit: Uitgeverij Guggenheimer)

Bevat de drie Guggenheimer-boeken Terugkeer van Bonanza, Guggenheimer wast witter en Uitgeverij Guggenheimer en gaan over de redelijk domme en weinig sympathieke tv-producer annex 'zakenman' Guggenheimer die, omringd door dommeriken zélf slim lijkt. Zich bewust zijn van dit voordeel werkt Guggenheimer zich door middel van geweld, manipulatie, seks en bedreiging naar de top van respectievelijk de Vlaamse televisie-, reclame- en uitgeverswereld. In zijn zoektocht naar onsterfelijkheid is hij vooral op zichzelf aangewezen maar gebruikt hij mensen als hem dat uitkomt. Daarbij vallen soms doden. Brusselmans kreeg een proces aan zijn broek doordat de humorloze modeontwerpster Ann DeMeulemeester zich beschadigd voelde door enkele passages over haar. Het boek werd nadien verboden in België.

De Guggenheimer Trilogie is laagdrempelig en zelfs voor mensen die nooit lezen interessante kost. Alleen al omdat er flink in geneukt wordt.




Basispakket


De man die werk vond (1985)

"Wie werk vindt, moet jodelen en bokkespringen maken, na het onpeilbare leed van de werkeloosheid. Het is belachelijk. De mens is niet gemaakt om te werken. De mens is gemaakt om te sterven."


De Man die werk vond is misschien de enige 'klassieker' uit het ouevre van Brusselmans. En dat al zo vroeg in zijn carrière. Het is geschreven met De Avonden van Gerard Reve in het achterhoofd maar is eerlijk gezegd een véél grappiger boek. Het gaat over de misantrope bibliothecaris Louis Tinner, die zich verveelt en voortdurend loopt te piekeren. Daarbij kan hij niemand gebruiken. Boeken worden zelden uitgeleend want veel lezers komen er niet over de vloer. Die dat wel doen worden vakkundig de deur uitgewerkt. De enige persoon die hij gedoogd is het koffiemeisje waarover hij fantaseert.
Dit boek was voor mij de reden dat ik verslaafd werd aan zijn stijl. Dat had met name te maken met de opingszin: Wat ook mogelijk is, dacht de bibliothecaris op zekere ochtend, ik steek de boel in brand. Iedereen die dan niet nieuwsgierig wordt mag van mij voor straf de boeken van Heleen van Royen gaan lezen.
Het vervolg op De man die werk vond is zoniet nóg leuker en heet Nog drie slapen en ik word wakker (1998), maar je begint een reeks natuurlijk nooit met het laatste boek.

Heden ben ik nuchter (1986)

...nu keerde hij zich om zonder zeiken of slaan. 'Wilt u geen lot kopen?' vroeg een man, gekleed in de outfit van een povere landarbeider uit vroeger tijden. Hij had een stoppelbaard en lopende neus. 'Ten bate van het cultureel centrum. De eerste prijs een dorsvlegel.'
'En de tweede prijs?' vroeg Eduard. Hij stond op ineens te trillen op z'n benen van de angst. Het leek hem alsof zijn hele leven van die tweede prijs afhing...


Eduard Kronenburg is waarschijnlijk het meest normale hoofdpersonage dat Brusselmans uit zijn koker heeft laten ontsnappen. Dat zegt veel over de andere personages. In Heden ben ik nuchter maken we kennis met Eduard, een angstig en zwaarmoedig type met Acne en last van vrouwen. Zo is er het meisje Valium waarmee hij een haat/liefde-verhouding heeft en zijn er twee Ideale Vrouwen, Gloria en Pico in omloop. Geen wonder dat hij het allemaal niet meer kan bolwerken en aan de Xanax en de Jupiler zit.

Heden ben ik nuchter is misschien ook wel Brusselmans' meest ernstige boek. Eduard Kronenberg staat voor Brusselmans-begrippen relatief dicht bij de schrijver zelf. In feite is dit dan ook de aftrap voor zijn reeks semi-autobiografische boeken. De kracht van dit boek ligt in de dialogen tussen de goed uitgewerkte personages en de soms herkenbare -niet al te absurde- situaties waarin de hoofdpersoon terecht komt. Sommige liefhebbers zeggen dat Brusselmans op z'n best was toen hij nog zoop en depressief was. Als je daar naar op zoek bent heb je met Heden ben ik nuchter goud in handen.

Ex-schrijver (1991)

Het toppunt van eenzaamheid is de eenzame die zit te bedenken wat het toppunt van eenzaamheid is, en daar niet uitkomt.


Ex-Drummer mag dan nu wel op briljante wijze verfilmd zijn, van de ex-en trilogie is Ex-Schrijver het meest vermakelijke boek. Het is de eerste echte roman met de Schrijver Zelve als de hoofdpersoon. Of ex-schrijver, dat is het hele paradoxale gedoe aan dit boek en zijn titel.

Brusselmans is net zoals ten tijden van verschijnen van het boek vrijgezel, na de scheiding met zijn eerste vrouw. Hij heeft al wat roem vergaard en heeft zich naast lang haar laten ook een rock 'n roll-imago laten aanmeten. Iets dat ie tot op de dag van vandaag in stand heeft gehouden.

Ex-schrijver speelt zich af op slechts twee locaties: zijn Gentse appartement en de plaatselijk kroeg en alwaar hij niet zelden geconfronteerd wordt met zijn fans. Heeft hij niet last van zijn fans dan is het zijn biograaf die vastbesloten is om het leven van de schrijver op te pennen.

Zoals de meeste van zijn boeken gaat ook Ex-Schrijver over vrouwen, angsten, obsessies, drank, de liefde en de dood. Ook hier kunnen we stellen dat er uiteindelijk verdraaid weinig gebeurd en dat is de grote kracht van dit boek: er hoeft gewoon niks te gebeuren. De kleine hilarische voorvallen uitgezonderd. Ex-Drummer bleek te verfilmen, Ex-Schrijver kan niet anders dan behouden blijven aan de lezer.

Nota bene: De ex-en-trilogie is verschenen als bundeling met als titel Plotseling gebeurde er niets.

Het einde van mensen in 1967 (1999)

In Lensbeke praatten de mensen weinig over de oorlog met elkaar, het minst van al met Flor de Paardenmarchand, want dat was zo ongeveer de enige Lensbekenaar die in het verzet had gezeten. Het had geen haar gescheeld of de vrouw van Flor, Elvire, was na de oorlog kaalgeschoren door de woedende Lensbekenaars, die hun broodheren, idolen of medestrijders -kortom, de Duitsers- het onderspit zagen delven.


Het einde van mensen in 1967 is waarschijnlijk het laatste boek van Brusselmans dat overladen is met louter lof (van HP/De Tijd tot NRC). Deze verhalenbundel zou volgens critici de ware klasse van de schrijver Brusselmans blootleggen. Daarmee slaan ze de spijker op de kop. Aan het einde van de 20ste eeuw is Brusselmans voor de meeste kenners een parodie op zichzelf geworden door de overdosis semi-autobiografische romans die sinds 1991 zijn verschenen. Het einde is een breuk met die 'gemakzucht'.

In dit boek gaat Brusselmans terug naar het Vlaamse platteland van de jaren zestig. Vijf korte verhalen die zich afspelen in het dorpje Lensbeke worden op voortreffelijke wijze aan elkaar geweven. Compleet zonder helden of sympathieke figuren houden de verhalen over ontrouw, misplaatse ambities en eenvoud stand en blijven tegelijkertijd spannend. Dat is redelijk vernieuwend voor Brusselmans, zo'n spannend verhaal. Vanwege die afwijking past dit boek daarom ook in mijn basispakket.



Liggen laten


Logica voor idioten (1997)

...ik doe tape over haar mond. Ik scheer haar kaal. Haar blonde haren dwarrelen op de vloer. Ik schik ze op haar voeten. Dan steek ik de haren in brand. Heeft ze pijn? Ja, ze heeft pijn...


Heeft Brusselmans wel eens de plank volledig misgeslagen dan? Verschrikkelijk slechte boeken bevat zijn ouevre niet, daarvoor is zijn stijl te verslavend. Ieder boek bevat grappige passages. Toch zijn er enkele boeken die ik niemand zou verplichten om te lezen: Vlucht voor mij (1990), Vrouwen met een IQ (1995) Vergeef mij de liefde (2000) en Ik ben rijk en beroemd en ik heb nekpijn (2004). Maar er is één boek dat ik mensen zou af raden om te lezen simpelweg omdat het een overdosis negativiteit herbergt waar je eng van wordt.

In Logica voor idioten krijgen we de duisterste kant te zien van Brusselmans. Dit semi-autobiografische boek gaat verder waar Zul je mij altijd graag zien? (1996) stopte want Brusselmans' leven gaat immers gewoon verder, veel verder...

Bij schrijven verkeerde België in een teneergeslagen toestand, toen de gruwelijke details van de zaak Dutroux langzaam naar de oppervlakte sijpelden. Het heeft zijn invloed op de stemming van de hoofdpersoon. In een droom martelt deze op American Psycho-wijze Michelle Martin, de vrouw van Marc Dutroux. Het is heftig en staat in schril contrast met alles wat hij daarvoor heeft geschreven. Er valt te weinig te lachen en humor is het fundament van een 'Brusselmans'. Dus alleen lezen als je een goede bui om zeep wilt helpen.