Borderlands 4
Borderlands 4 is eindelijk daar. Na jaren wachten, eindeloos speculeren en veel te veel memes, kunnen we weer los met krankzinnig veel loot, absurde wapens en vijanden die harder schreeuwen dan een voetbalstadion vol Feyenoorders. Maar laten we eerlijk zijn: de release op pc en Xbox is niet zonder slag of stoot gegaan. De ene kant van het verhaal is pure chaos en fun, de andere kant is technisch gedoe dat je soms uit de ervaring rukt. En toch, ondanks dat alles, voelt Borderlands 4 als een waardige opvolger en misschien wel de beste sinds Borderlands 2.
De planeet Kairos is je nieuwe speeltuin en die is alles behalve saai. Van stoffige woestijnen vol gestoorde bandits tot kleurrijke jungles waar het groen letterlijk van je scherm spat en neonverlichte steden waar je ogen bijna pijn van doen. Het leveldesign is opener, waardoor je meer vrijheid hebt om te verkennen. Voor het eerst in lange tijd heb je zin om gewoon af te dwalen in plaats van braaf de missie-markers te volgen. En dankzij de nieuwe bewegingsopties zoals dubbel springen, glijden en de grijphaak voelt het verkennen niet alleen soepel, maar ook spectaculair.

Op Xbox Series merk je direct hoe snel laadtijden zijn en hoe vloeiend de actie kan lopen. De game is duidelijk geoptimaliseerd voor deze consoles. HDR laat de kleuren knallen alsof je door een psychedelische cartoon heen banjert. Alleen jammer dat er een nare kant is: na een paar uur spelen begint de performance langzaam weg te zakken. Memory leaks zorgen ervoor dat textures ineens sloom inladen, framerate instort en je ineens in slow motion door een bossfight heen sukkelt. Gearbox weet hiervan en zegt eraan te werken, maar voorlopig is de “oplossing” om de game opnieuw op te starten. Niet heel charmant.
Op pc ziet Borderlands 4 er fantastisch uit, maar het is ook een stuk veeleisender. Zelfs op high-end rigs hebben spelers last van stutters en zo nu en dan een complete crash. Het voelt ironisch dat een game die chaos omarmt, ook technisch zo chaotisch is. Gelukkig helpt een dag-nul patch al een beetje, maar verwacht geen vlekkeloze ervaring. Je hebt een stevige pc nodig en een hoop geduld om door de ruwe randjes heen te kijken.

En dan heb je de wapens. Borderlands zonder knotsgekke guns is als patat zonder mayo. Deel vier overtreft zichzelf hierin. Shotguns die bevriezen, pistolen die zichzelf in drones veranderen, snipers die een bliksemschicht oproepen: het gaat maar door. Elke paar minuten vind je weer iets compleet nieuws en je voelt je als een kind in een snoepwinkel. De skill trees zijn overzichtelijker en flexibeler. Je kunt eindelijk echt bouwen wat je zelf wil, of dat nou een lompe tank is die overal doorheen beukt of een hypermobiele DPS-machine die alles in vuur en vlam zet. De vrijheid die je krijgt, maakt dat je personage meer als jouw eigen creatie voelt in plaats van een vast sjabloon.
Humor blijft een dingetje. Borderlands is en blijft een serie die niet vies is van flauwe grappen en over-the-top dialogen. Borderlands 3 ging daar keihard onderuit met cringe-memes, maar deel vier heeft de balans iets beter gevonden. Het is nog steeds niet subtiel, maar wel vaker raak. Je lacht soms hardop, en soms rol je met je ogen, maar je ergert je zelden echt. Het verhaal zelf is rechttoe rechtaan: nieuwe slechteriken, oude vaults, jij die de held moet spelen. Functioneel, maar geen Oscar-materiaal. De sidequests daarentegen zijn weer goud. Borderlands 4 blinkt uit in opdrachten die compleet ontsporen. Een simpele fetch quest eindigt in een veldslag vol explosies, een robot ontwikkelt een identiteitscrisis en een cultleider blijkt vooral een zielige loser. Het zijn die momenten dat je voelt: ja, dit is waarom ik Borderlands speel.
En dan de inventaris. Hoeveel jaren zijn we nu bezig? Vier grote delen verder en nog steeds voelt het menu alsof je door een modderbad ploetert. Het wisselen van wapens en mods gaat traag en onhandig, en dat is frustrerend in een game die draait om loot. Het is echt het zwakke punt van de serie en dat blijft helaas overeind. Maar goed, Borderlands 4 draait om chaos, loot en samenspelen. En dat laatste werkt dit keer opvallend goed. De hele game is vanaf de grond opgebouwd voor co-op en dat merk je. Missies, lootverdeling en progressie voelen naadloos in elkaar over te lopen. Met drie vrienden losgaan in Kairos is een feest, ook al deel je samen soms de frustratie van een framedrop.
Na de campagne ben je nog lang niet klaar. Raids, hogere moeilijkheidsgraden en eindeloze loot-runs zorgen voor weken, zo niet maanden speelplezier. De DLC-roadmap is al uitgestippeld en belooft genoeg extra content om je vast te kluisteren. Fans weten dat dit pas het begin is.
Dus wat blijft er hangen? Borderlands 4 is een game die je makkelijk opslokt. Op Xbox krijg je snelle actie en prachtige beelden, maar wel met het risico dat je performance langzaam wegsmelt als een ijsje in de zon. Op pc geniet je van waanzinnige graphics, maar zit je met stutters en crashes. En toch, het plezier van de krankzinnige loot, de kleurrijke wereld en de heerlijke chaos maakt dat je die technische problemen sneller vergeeft dan je zou denken.