Supergirl drinkt en vecht om haar trauma's te verwerken
Welke verhalen kun je nog vertellen over superhelden, als we in een wereld leven die al ruim een kwart eeuw (we rekenen even vanaf grofweg X-Men in 2000, maar dat is natuurlijk arbitrair) superheldenfilms in groten getale de bioscoopzalen ziet vullen? Nou, er worden nog steeds massa's comics geschreven, uitgebracht en gelezen over diezelfde superhelden, dus blijkbaar blijven de personages tot de verbeelding spreken en blijven lezers erin geïnteresseerd.
Best mooi dus ook dat Supergirl, de tweede film uit James Gunns DC Universe, in principe een eenvoudige verfilming is van een specifieke comic: Supergirl: Woman of Tomorrow. Dit door Tom King geschreven en Bilquis Evely getekende verhaal vertelt hoe Kara Zor-El samen met een meisje genaamd Ruthye op zoek gaat naar de crimineel Krem, nadat die Ruthyes vader (in de film: haar hele familie) heeft vermoord en Kara's hond Krypto dodelijk heeft vergiftigd. Het is een soort road trip door het universum, waarbij elk hoofdstuk (er zijn er acht) zich op een andere planeet afspeelt en Kara en Ruthye veel obstakels moeten overwinnen om bij Krem uit te komen.

De verfilming, door Craig Gillespie (bekend van Cruella en I, Tonya), is eenvoudiger van opzet: er zijn minder werelden, er ontbreekt een subplot waarin Ruthye op latere leeftijd vertelt over haar avonturen met Kara en met ontzag verhaalt over de goedheid van Supergirl. Kara, hier gespeeld door Milly Alcock, is in deze verfilming nog niet de doorgewinterde superheld die een break nodig heeft van haar aardse bestaan, maar juist een Kryptioniaanse met een trauma: ze is haar wereld verloren, voelt zich niet thuis op de wereld die haar nieuwe thuis zou moeten zijn en verdrinkt haar verdriet, letterlijk, door werelden met een rode zon op te zoeken, waardoor haar superkrachten verzwakken en ze dronkenheid kan ervaren.
Haar jacht op Krem en de zorg voor Ruthye laten haar reflecteren op haar recente leven, op hoe Clark haar ontving nadat haar vader haar van de Kryptionaanse overlevendenkolonie Astro City naar onze planeet stuurde, en op wie ze wil zijn. Dit vindt plaats in een verhaal dat desondanks niet enorm veel diepgang heeft en vooral probeert niet te veel tijd te laten verstrijken tussen de actierijke confrontaties.

De actie in de film is redelijk: het is geen John Wick, maar door Kara regelmatig te verzwakken en het haar daarmee dus moeilijker te maken om van zich af te bijten blijft het wel vermakelijk. Ze wordt op momenten enigszins geholpen door Jason Momoa als Lobo, een personage dat oorspronkelijk ook een rol zou hebben in de comic, maar die niet de eindversie van dat verhaal haalde. Hier is de fanfavoriete anitheld een premiejager die op zoek is naar dezelfde criminele bende waar Krem (Matthias Schoenaerts) onderdeel van is. De toevoeging van Lobo maakt dit zijn eerste verschijning in een live-actionverfilming van DC, wat leuk is voor de fans, maar eigenlijk, als we heel kritisch zijn, niet bijzonder veel toevoegt. Als introductie doet het echter wel zijn werk en het zou niet onwelkom zijn om Momoa, die zelf lobbyde bij Gunn om, in welke film dan ook, deze rol te mogen spelen, in andere films terug te laten keren als 'the main man'.

Supergirl is echter vooral de introductie van Kara Zor-El, die volgend jaar ook weer in Man of Tomorrow verschijnt naast haar neef. Het is een alternatieve benadering van een oorsprongsverhaal: met flashbacks zien we de ondergang van Krypton (die we niet zagen in Supermans introductie, vorig jaar) en leren we Kara vooral kennen vóórdat ze Supergirl is. Karakter staat hier echter voorop en hoewel het wat meer diepgang kon gebruiken, is het een fatsoenlijke start voor het personage.
