Nieuwe afgedwongen diversiteitsdoelen universiteiten onder vuur

Danny

Voor het eerst in de geschiedenis zijn evenveel vrouwen als mannen aan het roer bij Nederlandse universiteiten. Met zeven van de veertien universiteiten onder vrouwelijke leiding, markeert dit een belangrijke mijlpaal in de academische wereld. Deze verschuiving komt voort uit gerichte inspanningen om de vermeende genderongelijkheid in de top van de wetenschap aan te pakken.

Organisaties zoals de Nederlandse Organisatie voor Wetenschappelijk Onderzoek (NWO) en het Landelijk Netwerk Vrouwelijke Hoogleraren hebben een cruciale rol gespeeld bij het stimuleren van deze verandering, waarbij streefquota en jaarlijkse monitors hielpen om meer vrouwen in leidinggevende posities te krijgen.

Nu deze vorm van discriminatie langzaam vorm begint te krijgen, verleggen universiteiten hun focus naar andere vormen van diversiteit, zoals etnische achtergrond en seksuele oriëntatie. Zo heeft de Erasmus Universiteit een ondersteuningsprogramma opgezet voor onderzoekers met een migratieachtergrond, een initiatief dat aanvankelijk alleen gericht was op vrouwen.

Dit programma biedt extra begeleiding en financiële ondersteuning om carrièrekansen te vergroten. Dit beleid is echter niet onomstreden. Kritiek komt zowel uit politieke kringen als vanuit de academische gemeenschap zelf, waarbij de registratie van afkomst en het categoriseren van medewerkers op basis van migratieachtergrond terecht tot veel discussie leidt.

Ondanks deze weerstand zet de Nederlandse wetenschapsfinancier NWO stevige druk op universiteiten om diversiteitsplannen op te stellen met meetbare doelstellingen. Universiteiten die niet voldoen, riskeren in de toekomst mogelijk hun NWO-financiering. Of deze vorm van gedwongen discriminatie als positief moet worden ervaren staat nog volledig ter discussie.