Games zorgen niet voor nachtmerries
De onderzoekers kwamen tot deze conclusie nadat ze een groep van 250 kinderen, variërend in leeftijd van negen tot dertien, het aantal uren dat ze bepaalde activiteiten verrichtten lieten bijhouden. Hierbij moet gedacht worden aan sporten, gamen, TV kijken en lezen. Tevens moesten de kinderen opschrijven welke programma's ze keken op TV. Ze moesten verder aangeven of ze hun droom onthouden hadden en zo ja, waar deze over ging.
Uit de data bleek geen link te zitten tussen nachtmerries en hoeveel games gespeeld werden of TV gekeken werd. Wel werd er een relatie gevonden tussen nachtmerries en de hoeveelheid boeken die gelezen werd, maar dit ging om een klein aantal gevallen en dus wilden de onderzoekers er geen conclusies aan verbinden.
Er zit wel enige logica achter dat niet alleen de plaatjes die kinderen zien invloed hebben op hun dromen, maar ook hun eigen fantasie. Ze kunnen meer gestimuleerd worden door lezen en daarbij actief fantaseren, dan door het kijken van televisie.
Waar kinderen nachtmerries over hebben wordt al honderd jaar onderzocht en is flink veranderd in de loop der tijd. Waar kinderen in de jaren '20 vooral droomden over de Boogieman, was dit in de jaren '50 spoken en heksen en in de jaren '90 betrof het de monsters die in Hollywoodfilms voorkwamen. Dat laatste maakt de conclusie des te opvallender vond hoofd onderzoeker Michael Schredl. Hij zei dat filmkarakters een grote rol spelen in nachtmerries.