[WK] Merino velt Portugal en bezorgt Spanje plek bij laatste acht

Spanje heeft zich maandag geplaatst voor de kwartfinale van het WK. In een beladen duel met Portugal leek een verlenging lang onafwendbaar, maar Mikel Merino maakte in de blessuretijd het verschil: 0-1.

Portugal en Spanje troffen elkaar in Dallas voor een echte kraker in de zestiende finales. De laatste WK-ontmoeting tussen de Iberische rivalen, in 2018, leverde nog een spectaculaire 3-3 op met een hoofdrol voor Cristiano Ronaldo. Ook nu stond de Portugese vedette aan de aftrap, terwijl bij Spanje uiteraard Lamine Yamal aan de rechterkant begon.

Spanje had in de openingsfase het initiatief en kreeg via Mikel Oyarzabal al snel een grote kans. De valse spits verscheen oog in oog met Diogo Costa, maar schoof de bal naast. Daarna lieten ook Yamal en Álex Baena zich zien, al hield Costa zijn ploeg met enkele reddingen op de been. Aan de andere kant was Portugal eveneens gevaarlijk: João Félix en Ronaldo testten Unai Simón, terwijl Nuno Mendes met een hard schot bijna profiteerde van een ongelukkige kopbal van Pedro Porro op de eigen lat.

Na rust viel het spektakel grotendeels weg. Spanje en Portugal hielden elkaar lang in evenwicht, terwijl de wedstrijd steeds meer richting een verlenging leek te kruipen. Portugal kreeg bovendien een flinke tegenvaller te verwerken toen Mendes met een ogenschijnlijke spierblessure naar de kant moest. Daarmee verloor Ronaldo’s ploeg een belangrijke kracht, zeker tegenover de dreiging van Yamal.

Met frisse aanvallers probeerden Roberto Martínez en Luis de la Fuente de wedstrijd alsnog open te breken. Ferran Torres bleek uiteindelijk beslissend met een steekpass op Merino, die in de blessuretijd koel bleef en Costa passeerde. Bernardo Silva kreeg in de allerlaatste seconde nog dé kans op de gelijkmaker, maar kopte over.